The taste of a story

I was born and raised in Vienna, Austria. When I went to school I had the privilege of holidays in England with my father’s sister and her husband. For a few summers I went to York. My late uncle Charles was a Scotsman, ever a colonel in the army, then the owner of a small textile factory where they wove tartan fabrics. The factory was even allowed to call itself purveyor.
Uncle Charles was eager to show me around in the country of his forefathers. We made trips to the highlands and the Hebridean isles.
I was sixteen when he took me to Islay, the southernmost island of the Hebrides on the west coast. After a good day’s walk on the island we visited a pub in Port Ellen where sturdy fishermen were kissing their pints of Guinness. Charles asked the warden for “a wee dram for the boy” and pointed at me. He put a glass with a golden liquid before me and said: “Drink. Slainte!”
I sipped and almost choked because of the powerful and spicy liquid that passed my throat and left a warm afterglow. I tasted peat, the moors, the mountain air and the sea and I looked at him with wet eyes. He grinned ear to ear and said: “Now you’re a man.” The other men had watched my choking and nodded approvingly, smiling.
I had tasted Lagavulin, a 16 year old  single malt from Islay. My uncle told me that Lagavulin has to mature until it is sixteen, just like a boy who may call himself a man on Islay when he is sixteen. Was it true? Nobody in the pub denied it and I wanted to believe it. At that moment I wanted to be one of those sturdy men, I felt connected to the island. It won’t surprise you that after years of tasting single malts I still have a weak spot for Islay and Lagavulin.
And maybe you’d like to taste it right now as well…
Sometimes brands broadcast beautiful stories, but often it is one way traffic. How many authentic, personal consumer’s stories do they know about their brand?

De smaak van een verhaal
Als schooljongen mocht ik elk jaar naar York in Engeland op vakantie, naar mijn vaders zus en haar man. Oom Charles was een Schot, ooit een hoge militair en toen eigenaar van een textielfabriek waar tartanstoffen gemaakt werden. De fabriek mocht zich zelfs hofleverancier noemen. Oom Charles liet mij graag kennis maken met het land van zijn voorvaderen, met de highlands en met de eilanden voor de kust. Toen ik zestien was, nam hij mij mee naar Islay, het zuidelijkste eiland van de Hebriden, voor de westkust.
Na een flinke dagwandeling gingen we naar een pub in de haven van Port Ellen waar een paar stoere vissers aan hun Guinness zaten te lurken.  Charles vroeg om “a wee dram for the boy” en wees naar mij. Hij zette een glas goudkleurige drank voor mijn neus en zei: “Drink it. Slainte!”.
Ik nam en slok en verslikte me bijna in het krachtige, kruidige vocht dat raspend door mij keel stroomde en een warme gloed achterliet. Ik proefde turf, heide, berglucht en de zee en ik keek naar mijn oom met betraande ogen. Hij grijnsde van oor tot oor: “Now you’re a man.” En de mannen in de pub grijnsden net als hij en knikten goedkeurend.
Ik had Lagavulin geproefd, een zestien jaar oude single malt van Islay. Mijn oom vertelde dat Lagavulin na zestiende jaar volwassen is, net als en jongen die zich op dit eiland op zijn zestiende een man mag noemen. Was het waar? Niemand in de pub ontkende het en ik wilde het graag geloven, ik wilde opeens heel graag bij die stoere mannen horen, ik voelde me verbonden met het eiland… en het zal je niet verbazen dat ik na jarenlang single malts proeven, nog steeds een zwak heb voor Islay en voor Lagavulin.
En misschien wil jij er nu ook van proeven…
Er worden soms mooie verhalen uitgezonden door merken, maar het blijft eenrichtingsverkeer. Hoeveel authentieke, persoonlijke consumentenverhalen kennen zij van hun merk?

Advertenties